Hoofdstuk 1

Welkom bij de oefentoets van Hoofdstuk 1

Liever deelnemen aan een klassikale examentraining? Klik hier voor de mogelijkheden!

Door uw e-mail adres in te vullen, ontvangt u de antwoorden automatisch in uw mailbox. Hiermee abonneert u zich ook meteen op relevante nieuwsberichten, gerelateerd aan Procesmanagement in de praktijk. U kunt zich op elk moment hiervoor afmelden!

Nu ook beschikbaar: Werkboek deel I

e-mail adres:
1. Over welke drie factoren moet een medewerker beschikken om bepaald gedrag te vertonen?
2. Dienstverleningsprocessen zijn in het algemeen goed zichtbaar voor de klant. Benoem twee kenmerkende verschillen tussen een dienstverleningsproces en een proces dat juist een hoge verborgenheid voor de klant heeft.
3. Geef in één schema het profiel weer van de vier V’s (variatie, verscheidenheid, verborgenheid en volume) voor de IKEA. Motiveer uw antwoord.
4. In de hierna volgende tabel zijn de activiteiten van drie organisaties beschreven.

  • Organisatie 1 heeft overwegend improviserende activiteiten.

  • Organisatie 2 heeft overwegend projectmatige activiteiten.

  • Organisatie 3 heeft overwegend routinematige activiteiten.


Als de soort activiteiten de enige bepalende factor zou zijn, welke organisatie leent zich dan het meeste om daar procesmanagement toe te passen?

1.9 Improvisatie vs routine
5. Geef een korte uitleg van de twee vormen waarop vertrouwen (in medewerkers) gebaseerd kan zijn?

Klik op "Inleveren" om uw resultaten te zien!